KENIA: Big five, Masai Mara, Swahili en Jambo!

Het toeristisch product Kenia wordt gevormd door de elementen strand en safari. Een bezoek aan Kenia zonder een safari te hebben gemaakt wordt een beetje als “not done” beschouwd. De meeste toeristen die naar Kenia reizen maken een meerdaagse safari om na afloop enkele dagen te verblijven in een hotel aan de kust. Maar toeristen die alleen een strandvakantie hebben geboekt kunnen ter plaatse eenvoudig een één- of meerdaagse safari boeken. De meeste hotels langs de kust liggen geconcentreerd rond de steden Malindi en Mombasa. Ze zijn veelal ruim opgezet en de kamers liggen vaak verspreid in tropische tuinen. Buiten de hotels zijn er nauwelijks faciliteiten voor toeristen. Met name door de opkomst van het all-inclusive concept in hotels is een groot deel van de lokale restaurants en bars inmiddels verdwenen.

 

 

De plaatselijke bevolking is over het algemeen erg vriendelijk tegen toeristen. De meesten spreken goed Engels, waardoor het niet erg moeilijk is om met ze in contact te komen. Toeristen worden soms aangesproken door Kenianen die proberen hun waar aan de man te brengen. Soms kan dit een beetje opdringerig overkomen.

Kenia kent nog veel stammen, waarvan nog maar enkele vasthouden aan oude tradities. De bekendste stam is de Masai, oorspronkelijk een krijgshaftig herdersvolk dat zich nu gevestigd heeft in het zuiden van Kenia en voor een deel ook in Tanzania. Voor veel toeristen komt de Masai-krijger met zijn versierselen en huidbeschilderingen het dichtst bij het beeld van de echte Afrikaan. De Masai is zich hier terdege van bewust en laat zich graag, tegen betaling, fotograferen. De laatste jaren zit het internationale toerisme naar Kenia in een neerwaartse spiraal, mede door de etnische spanningen en geweldsconflicten. Dit neemt niet weg dat Kenia nog steeds een prima safaribestemming is. De lokale bevolking zal u met een warm “Jambo” (welkom) ontvangen .